Speciaal onderwijs

Speciaal onderwijs is onderwijs voor kinderen en jongeren van 4 tot 20 jaar die op school meer hulp nodig hebben dan het reguliere onderwijs (= het gewone onderwijs) ze kan bieden. Ze krijgen dus veel aandacht. Behalve de docent is er een klassenassistent die de leerlingen begeleidt. De klassen in het speciaal onderwijs zijn klein en de leerlingen gebruiken aangepast lesmateriaal. De gebouwen waarin de leerlingen les krijgen zijn veelal aangepast. Ook krijgen de kinderen op school therapie en lessen in praktische vaardigheden (omgaan met geld, boodschappen doen, enzovoort).

Kinderen kunnen niet zomaar naar het speciaal onderwijs. Ze moeten eerst een indicatie hebben. Deskundigen gaan dus kijken of het kind wel echt speciaal onderwijs nodig heeft. Soms kan een kind met een rugzakje toch naar het reguliere onderwijs.

Wet op de expertisecentra


Het speciaal onderwijs valt onder de Wet op de expertisecentra. In deze wet staat onder andere voor welke kinderen het speciaal onderwijs is, welke scholen er onder het speciaal onderwijs vallen en wat de rol is van de expertisecentra in het speciaal onderwijs. U vindt de wet op www.wetten.overheid.nl.

Voor het speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs hoeft u geen lesgeld te betalen. Gaat je kind naar het voortgezet speciaal onderwijs dan betaal jealleen de boeken voor je kind.

Vier clusters


Er zijn verschillende soorten speciaal onderwijs. Het onderwijs is afgestemd op de moeilijkheden die de kinderen hebben door hun handicap. Het speciaal onderwijs is onderverdeeld in vier clusters:

  • Cluster 1
    Onderwijs aan blinde en slechtziende kinderen
  • Cluster 2
    Onderwijs aan kinderen met hoor/spraak/taalmoeilijkheden
  • Cluster 3
    Onderwijs aan zeer moeilijk lerende kinderen, kinderen met een lichamelijke handicap en kinderen met een meervoudige handicap en kinderen met een lichamelijke ziekte
  • Cluster 4
    Onderwijs aan kinderen met gedragsproblemen en kinderen met een psychiatrische ziekte